
|
Het programma Photoshop Met teken- bewerkings- en kleurcorrectiegereedschappen kun je afbeeldingen aanpassen en veranderen. Het is verder mogelijk om van meerdere afbeeldingen één samengestelde afbeelding te maken. Je kunt kleurscheidingen maken en deze kunnen dan vanuit het programma geprint worden of bewaard worden voor gebruik in andere programma’s. Het programma is in gebruik bij vele professionals zoals: art director, fotograaf, grafisch ontwerper, animatietekenaar of drukker, maar ook voor het maken van commercials voor TV maakt men gebruik van het programma. Als digitale donkere kamer biedt het de mogelijkheid om gescande foto’s, dia’s en grafische afbeeldingen op talloze manieren te bewerken.
Het filter NTSC-kleuren beperkt het kleurgamut tot die kleuren die geschikt zijn voor weergave op televisie. Dit filter voorkomt dat oververzadigde kleuren door de scanlijnen van het televisiebeeld heen lopen. De afmeting van de afbeelding moet dan wel op videoformaat (768 x 576) te zijn en het beste bestandsformaat is dan Photoshop (.PSD). Uiteraard moet de kleurmodus dan in RGB staan. Voor webtoepassing kun je het best de foto te bewerken in RGB en na bewerking deze omzetten naar geïndexeerde kleuren, uiteraard bij een resolutie van 72 DPI.
Als je Photoshop opstart verschijnt na het opstartscherm een scherm met links het gereedschappalet, midden boven de menubalk met menunamen en rechts een aantal vensters met opties. Het gereedschappalet bevat gereedschappen, waarmee je afbeeldingen kunt bekijken, selecteren, bewerken, inkleuren en tekenen. Er zijn 4 soorten gereedschap in het
gereedschappalet: - selectiegereedschappen, om gedeeltes van de afbeelding te selecteren; - schilder- en tekengereedschappen, voor tekenen, inkleuren e.d.; - speciale gereedschappen, voor werken met tekst, lijnen, verloop e.d.; - weergavegereedschappen, voor verandering van de beeldschermweergave .
DE VOOR- EN ACHTERGRONDKLEUR De voorgrondkleur, die in het bovenste
kleurselectievak van het gereedschapspalet verschijnt wordt gebruikto m mee te
tekenen en om selecties te vullen en omlijnen. PALETTEN Deze paletten kun je openen vanuit het menu ‘Venster’,
of door te dubbelklikken op het betreffende gereedschap. Wanneer je op de laag werkt (tekent, plakt e.d.), verander je niets aan de onderliggende afbeelding. Je kunt echter wel het effect van je bewerkingen zien. Wanneer alles naar tevredenheid is kun je de lagen samenvoegen tot een samengestelde nieuwe afbeelding. In het palet ‘Lagen’ kun je zien hoeveel
lagen je hebt gebruikt en kun je kiezen in welke laag je wilt werken door de
betreffende laag te selecteren. KANALEN Wanneer je een nieuwe afbeelding opent, maakt Photoshop kleurinformatiekanalen aan. Voor een RGB-document zijn dat vier kanalen. Voor CMYK zijn dat er dus vijf. Eén voor elke kleur en een kanaal waarin alle kleur tezamen wordt getoond. Miniaturen van deze kanalen zijn te zien in het palet.
|
|||||||
|
[ Video Club Hoorn en de Regio | Video club magazine inhoud | H & R Video ABC ] [ blocqx11 ] |